Waarom windmolens soms stilstaan (en uitbreiding toch nodig is)

Het kan gebeuren dat je langs een windpark komt en de windmolens stilstaan, terwijl het toch stevig waait. Tegelijkertijd hebben we meer windenergie nodig om de klimaatdoelen te halen, ook in Hart van Brabant. Dat lijkt tegenstrijdig, want waarom zou je investeren in nieuwe windmolens als de huidige niet eens altijd draaien?

Die verwarring is logisch. Het stilzetten van een turbine die groene stroom produceert, voelt als verspilling. Toch is er vrijwel altijd een goede reden. In dit artikel leggen we uit waarom windmolens soms stilstaan, maar we er toch meer nodig hebben.

Inhoud van dit artikel

Reden 1: de wind

Dat een windmolen stilstaat heeft meestal met de wind zelf te maken, al kun je dat vanaf de grond niet altijd goed inschatten.

  • Te weinig wind: een moderne windmolen heeft een startwindkracht nodig (meestal rond windkracht 2 à 3). Soms waait het op de grond wel, maar is de luchtstroom bovenin bij de zware wieken net niet krachtig genoeg om ze in beweging te krijgen.
  • Te veel wind: bij een zware storm (meestal vanaf windkracht 10) worden turbines stilgezet om schade aan de constructie te voorkomen.

Reden 2: de omgeving

Een tweede reden om windmolens (tijdelijk) stil te zetten, is om de directe omgeving te beschermen. Daarover maken we duidelijke afspraken.

  • Slagschaduw: als de zon laag staat, kunnen de wieken een hinderlijke flikkering veroorzaken op ramen van woningen. Sensoren op de turbine meten de lichtintensiteit en de stand van de zon. Dreigt er slagschaduwhinder die de wettelijke norm of de afspraken met de omgeving overschrijdt? Dan stopt de turbine automatisch.
  • Ecologie: er zijn momenten waarop turbines worden stilgezet om de natuur te beschermen. Denk aan specifieke trekperiodes van vogels of weersomstandigheden waarin vleermuizen zeer actief zijn.

Reden 3: de energiemarkt

Het elektriciteitsnet moet altijd in balans zijn, zodat er precies evenveel stroom wordt geproduceerd als we op dat moment verbruiken. Als je thuis de magnetron of tv aanzet, dan gaat een energiecentrale ergens anders direct iets harder draaien. Dit principe is niet nieuw – er staat altijd een centrale klaar om bij te schakelen als veel mensen tegelijk stroom nodig hebben.

Bij kolen- en gascentrales gebeurt dit continu: er staan altijd centrales te wachten tot er meer stroom nodig is, en de meeste centrales draaien niet op vol vermogen. Dat zie je nauwelijks, want er komt hooguit wat meer of minder rook uit de pijp. Bij windturbines zie je het wél direct: ze draaien of ze staan stil. Als het aanbod op een winderige dag groter is dan de vraag, dan wordt soms een aantal turbines (tijdelijk) stilgezet om overproductie te voorkomen.

Reden 4: onderhoud

Windmolens kunnen wel 25 jaar meegaan als ze goed onderhouden worden. Daarvoor zijn er periodieke inspecties. Dat is nodig voor de veiligheid en garantie, maar voorkomt ook dat turbines ongepland stil komen te staan door storingen.

Monteurs controleren regelmatig alle technische onderdelen, zoals de rotorbladen (de wieken), de toren en de bouten. Ook alle technische onderdelen, de bekabeling en beveiligingen worden geïnspecteerd. Bovendien moet de olie in de tandwielkasten en lagers elke 4 tot 7 jaar ververst worden en worden de rotorbladen soms schoongemaakt.

Waarom dan toch méér windmolens?

Er zijn dus redenen waarom windmolens soms stilstaan. Waarom werken we in Hart van Brabant dan toch aan nieuwe windparken? Daar zijn drie redenen voor.

1. We hebben stroom nodig als de zon niet schijnt

Het probleem van ‘te veel stroom’ doet zich vooral voor op piekmomenten in de lente en zomer, op momenten dat we veel zonne-energie opwekken en maar weinig gebruiken. Maar we hebben het hele jaar energie nodig. Juist in de herfst en winter, en ’s avonds als de zon niet schijnt, is er grote behoefte aan -duurzame- stroom. Windmolens zijn op die momenten de belangrijkste bron van energie.

Als het hard waait schijnt de zon vaak niet en andersom. Dit omgekeerde leveringsprofiel zorgt ervoor dat wind samen met zonne-energie een heel goede combinatie is. We bouwen de windmolens dus niet voor de piekmomenten waarop ze nu stilstaan, maar voor de momenten van schaarste, zodat we ook in de winter voldoende stroom hebben.

2. We hebben meer (duurzame) energie nodig

Op rustige momenten hebben we soms te veel duurzame energie, maar dat betekent niet dat we altijd voldoende duurzame energie hebben. Er zijn nog veel momenten waarop maar een klein deel van de opgewekte energie duurzaam is, vooral op momenten dat we veel stroom verbruiken.

Bovendien stapt de industrie over van aardgas op elektriciteit, rijden we steeds meer elektrisch en verwarmen we onze huizen vaker met warmtepompen. De vraag naar stroom zal naar verwachting verdubbelen tot verdrievoudigen richting 2050. De huidige overschotten op zonnige dagen vallen in het niet bij de enorme vraag die op ons afkomt. Als we nu stoppen met ontwikkelen, ontstaat er over enkele jaren een structureel tekort.

3. De oplossing ligt in de mix en opslag

POB REKS richt zich niet op ‘losse molens’, maar op energiehubs. Hier combineren we wind, zon en (heel belangrijk) opslag. Wanneer het hard waait en het net vol zit, willen we die windmolen in de toekomst niet stil hoeven zetten. We moeten die energie lokaal gebruiken of opslaan. Denk aan grote batterijsystemen of het omzetten van stroom naar waterstof. Zo benutten we de pieken om reserves op te bouwen voor windstille dagen.

Om die waterstof- en batterij-oplossingen effectief te maken, is er juist overcapaciteit aan opwek nodig. Je kunt geen batterij vullen met stroom die er niet is.

Energiesysteem in verbouwing

Een stilstaande windmolen voelt tegennatuurlijk. Toch is het soms nodig voor een stabiel net, de natuur of de omgeving. We zitten bovendien in een overgangsfase: van kolen- en gascentrales die draaiden op commando, naar een systeem dat afhankelijker is van het weer.

Het doel is een slimme mix van wind, zon, opslag en stuurbare bronnen, zoals groen gas, biomassa of kernenergie. Om tijdens pieken genoeg stroom te hebben, is veel capaciteit nodig. De keerzijde is dat er op rustige momenten soms ’te veel’ aanbod is, waardoor molens nu stilstaan. Straks, met betere opslag, kunnen ze vaker doordraaien. Toch blijft overcapaciteit nodig. Net zoals nu centrales stand-by staan voor de piekvraag, zullen ook in de toekomst windmolens soms moeten wachten tot ze nodig zijn.

Om de regio in de toekomst van betrouwbare, betaalbare en schone energie te voorzien, blijft de uitbreiding van windenergie gecombineerd met bijvoorbeeld opslag dus onmisbaar.

Meld je aan voor onze nieuwsbrief