De werkelijke kosten van windmolens: draaien ze op subsidie?

Bij de ontwikkeling van energiehubs gaat het vaak over de opbrengsten van duurzame energie, maar de kosten zijn uiteraard ook belangrijk. Regelmatig krijgen we te horen dat windmolens duur zijn en eigenlijk alleen maar kunnen draaien dankzij veel overheidssubsidie. Daardoor zou windenergie onrendabel zijn.  

Maar klopt dat beeld wel? In dit artikel duiken we in de kosten, subsidies en de maatschappelijke besparing van windenergie, en wie uiteindelijk de rekening betaalt.  

Inhoud van dit artikel

Subsidie als financieel vangnet

De gedachte dat exploitanten van windmolens onbeperkt subsidie opstrijken, komt uit de tijd dat de technologie nog in de kinderschoenen stond en de subsidies hoger waren. Tegenwoordig werkt de Nederlandse overheid met de zogenaamde SDE++-regeling. Deze regeling is geen vaste zak met geld, maar een financieel vangnet dat de ‘onrendabele momenten’ afdekt.  

De Stimulering Duurzame Energieproductie en Klimaattransitie (SDE++) is een subsidie waarmee de overheid bedrijven betaalt om duurzame energie op te wekken en minder CO2 uit te stoten. Omdat milieuvriendelijke oplossingen vaak duurder zijn dan vervuilende alternatieven, vergoedt de overheid dit prijsverschil zodat bedrijven toch de groene keuze kunnen maken. 

Dat betekent dat ontwikkelaars alleen een aanvulling krijgen wanneer de elektriciteitsprijs op de markt zó laag is, dat de kosten niet gedekt worden. Zijn de marktprijzen voor stroom normaal of hoog? Dan krijgt de exploitant nul euro subsidie uitgekeerd. De afgelopen jaren zijn windmolens veel efficiënter en groter geworden, waardoor ze veel meer stroom opwekken. Daardoor is de kostprijs per opgewekte megawattuur gedaald en het rendement verbeterd. Dat betekent dat er steeds minder, en soms zelfs helemaal geen, subsidie meer nodig is.  

Lagere energieprijzen dankzij de wind

Wat we vaak vergeten, is dat duurzame energie uiteindelijk de stroomprijs voor iedereen verlaagt. Windenergie heeft namelijk amper variabele productiekosten; de wind waait immers gratis.  

Op dagen dat het hard waait produceren windmolens grote hoeveelheden goedkope stroom. Deze goedkope energie drukt direct de dure, fossiele stroom van onze gas- en kolencentrales van de markt. Dit ‘merit-order effect‘ merken we nu al: op zonnige dagen en bij veel wind zien we de marktprijzen voor elektriciteit kelderen. Op sommige momenten is dus een garantiesubsidie nodig om de windmolen financierbaar te maken, maar uiteindelijk levert het de maatschappij een besparing op door onze totale energierekening te verlagen.  

Netkosten: slim combineren in hubs

Een veelvoorkomende zorg over de energietransitie zijn de stijgende kosten voor ons elektriciteitsnet (de netkosten). Er zijn miljardeninvesteringen in het stroomnet nodig. Dat is vooral omdat we veel meer elektriciteit gaan gebruiken. Als vervanging van fossiele brandstoffen, om onze woningen en gebouwen te verwarming, voor elektrisch vervoer en bijvoorbeeld door datacenters en ons gebruik van AI.  

Als we een windmolen bijvoorbeeld combineren met een zonnepark of een batterij binnen een lokale energiehub, ontstaat een gebalanceerd systeem. Omdat het vaak hard waait als de zon niet schijnt (en andersom), kunnen ze samen gebruikmaken van één en dezelfde netaansluiting zonder deze te overbelasten. Zo kan er bespaard worden op de verzwaring van het elektriciteitsnet. De investeringen in het netwerk kunnen omlaag als we dit soort slimme combinaties zoeken en de reservecapaciteit van het net efficiënter gebruiken. En dat is precies waar we in onze energiehubs aan werken.  

De kosten van kernenergie en kolen

Om te oordelen of windmolens te duur zijn, moeten we ook kijken naar de alternatieven. Zo wordt kernenergie regelmatig genoemd als alternatief. Een kerncentrale levert stabiele stroom, maar de bouwkosten zijn hoog en het duurt lang om een kerncentrale te realiseren, ook een kleine.  Hierdoor valt de uiteindelijke kostprijs voor de opgewekte kernenergie een stuk hoger uit dan bij moderne windmolens.  

Oude kolencentrales lijken goedkoop stroom te produceren. Dit geeft echter een vertekend beeld. De bouw van deze centrales is tientallen jaren geleden al afbetaald (zogenoemde sunk costs). Belangrijker nog: de maatschappelijke en financiële kosten van milieubelasting, gezondheidsschade en CO2-uitstoot worden niet meegewogen. Zou je deze eerlijk doorberekenen, dan is fossiele energie veruit het duurst.  

Energiebron Minimale kosten per MWh Maximale kosten per MWh
Zon op land €34 €85
Zon op dak €76 €170
Wind op land €32 €85
Wind op zee €91 €144
Kolen €62 €152
Kernenergie €151 €220

Voor dit overzicht hebben we gebruik gemaakt van de “Levelized Cost of Energy” (LCOE). Dit is de internationale standaard om de kosten van verschillende energiebronnen eerlijk met elkaar te vergelijken, omdat het de totale kosten (bouw, brandstof, onderhoud) berekent over de gehele levensduur van de installatie, gedeeld door de totale verwachte energieproductie.

De basiscijfers komen uit het rapport van financiële dienstverlener Lazard uit juli 2026. Omdat dit rapport in Amerikaanse dollars rekent, heb ik de bedragen omgerekend naar euro’s (koers augustus 2026: ca. €0,86 per $1,00).

Is windenergie een verstandige investering?

De tijden waarin windmolens alleen op subsidie draaiden, liggen achter ons. Het is tegenwoordig een volwassen technologie met een betrouwbare businesscase. Subsidies zijn er alleen nog als garantie voor investeerders bij lage marktprijzen. Doordat windmolens ons minder afhankelijk maken van dure, fossiele brandstoffen uit het buitenland en de prijs op de stroommarkt verlagen, leveren ze onder aan de streep een positieve financiële bijdrage aan onze samenleving. 

Heeft u nog vragen over dit onderwerp? Neem dan gerust contact met ons op. 

Bronnen

Meld je aan voor onze nieuwsbrief